Wende Snijders
Toen de 25 jaar oude Wende Snijders in het Franse Chansonrepertoire van de jaren 50 en 60 dook werd ze door iedereen gewaarschuwd dat commercieel succes met zulk repertoire uitgesloten was. Niemand had kunnen vermoeden dat ze één jaar later, in 2004, een album zou hebben opgenomen met diezelfde chansons, dat haar theaterconcerten helemaal uitverkocht zouden zijn en dat ze door de pers met juichende recensies ontvangen zou worden.
Wende werd uit Nederlandse ouders geboren in Engeland. Ze verhuisde op haar zesde naar Guinee-Bissau, waar ze een Franse school bezocht. Ze verhuisde naar Nederland toen ze negen jaar oud was en raakte op haar drieëntwintigste op de Amsterdamse Kleinkunst Academie geïnteresseerd in het Franse lied.
‚Ik heb in Afrika Frans geleerd. Het is mijn kindertaal, de taal waarin je vriendjes maakt en leert schrijven. Het gaan zingen van Franse chansons komt niet door mijn opvoeding, ik ben eerder opgevoed met klassieke muziek. Maar toen ik ‘La foule' van Piaf had gezongen in een workshop bij Ruut Weissman had ik voor het eerst het gevoel dat ik in de fik stond. Dat het lijkt alsof er van die energiebalen aan je vingers zitten.' Tijdens haar studie deed ze mee aan het Concours de la Chanson dat de Alliance Française des Pays Bas jaarlijks in Amsterdam organiseert. Ze won de eerste prijs van de jury, en ook de publieksprijs, een unicum in de analen van het Concours de la Chanson. Wende besluit werk te maken van haar liefde voor het Franse repertoire en organiseert een serie concerten in het intieme Amsterdamse theater Bellevue. Vanaf dat moment komen er allerlei zaken op haar pad. Ze mag optreden in de talkshow Barend en Van Dorp, Theaterboekers en platenmaatschappijen raken geïnteresseerd, en Wende wordt gevraagd voor optredens bij speciale evenementen
Voor haar eerste album koos Wende Franse klassiekers uit het literaire chanson van de jaren 50 en 60. Chansons van Leo Ferré, Barbara, Jacques Brel, maar ook gedichten van de Franse volksdichter Jacques Prévert, die Wende zelf op muziek zette. Verder koos ze een beroemd Nederlands lied, Telkens weer, waar ze samen met Annabelle Ochoa Lopez een Franse vertaling van maakte. Ze nam negen stukken op met haar eigen theaterensemble, voor de gelegenheid uitgebreid met contrabas en percussie, en voor vijf stukken kon ze beschikken over het tweeënvijftigkoppige Metropole Orkest, onder leiding van dirigent Arjan Tien. Het resulterende Franstalige album Quand tu dors verscheen in juni 2004. Een heel nieuwe generatie muziekliefhebbers ontdekte deze klassiekers door de energieke frisse interpretaties van Wende, maar de mensen die de stukken al kenden vielen eveneens voor Wende's sterke zeer persoonlijke interpretaties en de schitterende nieuwe arrangementen.
2005 werd het jaar van de erkenning. Terwijl Wende bezig was met haar eerste tournee van 75 theaterconcerten werd haar debuut-cd bekroond met de Edison Award voor het beste album van 2005 in de categorie Kleinkunst. Ze kreeg de British American Tobacco Award (voorheen Pall Mall Export Prijs) als meest veelbelovende nieuwe theaterpersoonlijkheid, en ze kreeg de Zonta Award, een tweejaarlijks uit te reiken aanmoedigingsprijs voor jong talent. In oktober van dat jaar verscheen Au Suivant, haar eerste dvd, Een gefilmd verslag van haar theatertournee, doorspekt met korte documentaire items en gefilmde live-opnamen met het Metropole Orkest in hun opnamestudio.
Een overvolle agenda, juichrecensies en uitverkochte zalen vormen geen optimale voedingsbodem voor de opvolger voor je succesvolle debuut-cd. Wende omschreef haar tweede album La fille noyée, dat verscheen in het najaar van 2006, als 'geen liefde op het eerste gezicht'. Naast het feit dat een mens rust en tijd nodig heeft om nieuw repertoire te vinden, creeëren en zich eigen te maken is Wende een artiest die een bijna panische angst heeft om stil te staan of zichzelf te herhalen. Voor haar nieuwe album verzamelde ze een grotendeels nieuwe groep muzikanten waarmee ze met regelmaat haar nieuw gevonden en geschreven repertoire instudeerde. Ze experimenteerde met nieuwe talen: ze wilde heel graag gaan zingen in haar moedertaal: het Nederlands, en ze maakte enkele voorzichtige uitstapjes naar het Duitse lied. Hoewel ze voor haar tweede cd uiteindelijk koos voor de beperking van twee talen (Frans en Nederlands) bevat La fille noyée uiteindelijk ook Duits repertoire: het titellied is oorspronkelijk de Kurt Weill - Bertolt Brecht collaboratie Vom ertrunkenen Mädchen, en La chanson de Mandalay is een Franse bewerking van de Weill-Brecht klassieker Der Song von Mandalay. Toch kwamen ook de componisten en tekstschrijvers van haar debuut-cd weer aan bod: Veel Brel, een beetje Barbara, een beetje Jacques Prévert. Daarnaast ook Nino Rota, Eric Satie en vier gloednieuwe stukken, waarvoor Wende samenwerkte met dichteres Hagar Peeters, componist Peter van de Witte en zanger/tekstschrijver Huub van der Lubbe, van De Dijk.
Wende maakte in 2006 een zeer succesvolle promotietournee voor haar nieuwe album met een 9-mans band langs grote popzalen, te beginnen met een uitverkocht Amsterdams Paradiso. Wende werd uitgenodigd om een avond te vullen in het Concertgebouw van Amsterdam, die zo succesvol bleek dat ze werd uitgenodigd om terug te komen, dit maal met het voltallige Metropole Orkest.
Het voorjaar van 2007 had Wende gereserveerd te zingen en acteren in Ruut Weissman's muziektheaterproduktie Het Verschil, waarin Wende het podium deelde met cabaretière Jenny Arean. In maart van dat jaar werd Wende alweer een prijs toebedeeld: De gouden notenkraker, de prestigieuze prijs ván uitvoerende kunstenaars vóór uitvoerende kunstenaars.
In de zomer van 2007 maakte Wende in nauwe samenwerking met choreografe/danseres Annabelle Ochoa Lopez een speciale voorstelling voor het Oerol Festival: Adem. Wende was in deze voorstelling zingend, acterend en dansend te zien. Later die zomer stond ze met haar band op het grote podium van het North Sea Jazz festival. In Augustus gaf ze, begeleid door het Metropole Orklest, een 45 minuten durend concert op het hoofdpodium van de Amsterdamse Uitmarkt. Dit concert werd live uitgezonden op televisie.
In oktober 2007 ging Wende's tweede serie theaterconcerten onder de titel Wende in première, wederom voor een luid juichende pers. Voor haar tweede solo koos Wende na de luxe muzikale weldaad van haar 9-mans band en het Metropole Orkest voor een intiem trio waarmee ze terug ging naar de basis. Ze probeerde een nieuwe taal uit: de Zuid-Afrikaanse dichteres Antjie Krog had twee liedteksten voor haar geschreven, die Wende op muziek zette. In de voorstelling zong ze ook een aantal Engelstalige songs.
Wende kreeg haar tweede Edison Award voor haar cd La fille noyée, dit keer als beste album in de categorie Wereld muziek. Haar eerste album was inmiddels de gouden verkoopstatus gepasseerd, hard onderweg naar de platina status. Het lied De wereld beweegt (tekst en muziek Wende Snijders) werd onderscheiden met de Annie M.G.Schmidtprijs als 'mooiste theaterlied van het afgelopen theaterseizoen'
Drie van de theaterconcerten werden opgenomen voor haar derde album, tevens eerste live-cd: Chante! Het album bevat het nagenoeg complete concert. Wende produceerde voor het eerste zelf haar cd, in samenwerking met ouwe rot in het vak Michiel Hoogenboezem.
In september 2008 gaat op het Utrechts Filmfestival de documentaire film Wende Snijders: De wereld beweegt in première, waarvoor filmmaker Roel van Dalen Wende een jaar lang volgde.
In oktober 2009 komt haar vierde solo album genaamd No.9 uit gevolgd door een clubtour langs alle grote zalen in Nederland. Het is het eerste album die alleen engelstalige nummers bevat en compleet geproduceerd en geschreven is door Wende zelf en haar co-producer Jan van Eerd.



